Training 2.7

Het gejank is tot bij de buren te horen. ‘Laurien wanneer vertrekken we nu?’ ‘Doe uw schoenen nu eens wat sneller aan.’ ‘Laurien ik wil nù vertrekken!’ Vol enthousiasme en met het bijhorende gejank staat de hond klaar om te gaan lopen. Een training van 3 keer 11 minuten. Wanneer ik (voor de beleving van de hond) eindelijk (zo lang duurde het heus niet) mijn schoenen aan had en de leiband om had, konden we vertrekken.
Van enthousiasme springt de hond in het rond en de eerste kilometer is ze meer aan het springen voor mijn voeten dan echt aan het lopen, maar haar goesting wordt zeer geapprecieerd. Eenmaal ze dan haar eerste kakje gedaan had, kwamen we in een loopritme. De eerste 11 minuten gingen veel te traag voor de hond en ik werd door haar voortgetrokken. Zo kwam het dat ik dat eerste interval met gemak tegen 5:16 min/km kon lopen.
De volgende 11 minuten liepen we beide hetzelfde tempo, zonder dat de één de ander voorttrekt. Wel ging dit blok een heel pak trager (5:40 min/km) dan de eerste, maar het liep wel vlot en gemakkelijk. Dit stuk liepen we ook in het park en dat is toch een heel stuk fijner dan op de weg. Voor de hond was er wel veel uitdaging. Er waren veel mensen met hun hond aan het wandelen, dus om niet tegen elke hond dag te gaan zeggen, was even lastig.
De laatste 11 minuten waren er voor de hond te veel aan. Ik kon nog lekker hetzelfde tempo lopen als de vorige 11 minuten. Maar ditmaal moest ik de hond voorttrekken. Ze moest bij elke plas ook stoppen om te drinken. Ondanks de vermoeidheid bleef ze toch lachen en enthousiast meelopen. Op het einde kon er zelfs nog een versnelling af.
Hoewel de tempo’s nog niet zijn wat ze moeten zijn, liep het wel vlot en had ik het gevoel dat ik er nog wel een blok kon achterplakken. Dat is toch al een hele vooruitgang dan een week geleden. Dus al bij al ben ik wel tevreden met deze training.
